Zhennanguan-opstand
Op 1 december 1907 vond de Zhennanguan-opstand plaats bij Zhennanguan, een pas op de Chinees-Vietnamese grens. Sun Yat-sen stuurde Huang Mintang om de pas te bewaken, die werd beschermd door een fort. Met de hulp van sympathisanten onder de verdedigers van het fort veroverden de revolutionairen de kanontoren in Zhennanguan. Sun Yat-sen, Huang Xing en Hu Hanmin gingen persoonlijk naar de toren om de strijd te leiden. De Qing-regering stuurde troepen onder leiding van Long Jiguang en Lu Rongting om een tegenaanval uit te voeren, en de revolutionairen werden gedwongen zich terug te trekken in de berggebieden. Na het mislukken van deze opstand werd Sun gedwongen naar Singapore te verhuizen vanwege anti-Sun-sentimenten binnen de revolutionaire groepen. Hij zou pas na de Wuchang-opstand naar het vasteland terugkeren.
