Tweede Boerenoorlog
De Britten boden bij verschillende gelegenheden vredesvoorwaarden aan
Zuid-Afrika
De Britten boden bij verschillende gelegenheden vredesvoorwaarden aan, met name in maart 1901, maar deze werden afgewezen door Botha en de "Bittereinders" onder de commando's. Ze zwoeren tot het bittere einde te vechten en wezen de eis voor een compromis van de "Hands-uppers" af. Hun redenen waren onder meer haat tegen de Britten, loyaliteit aan hun gesneuvelde kameraden, solidariteit met mede-commando's, een intens verlangen naar onafhankelijkheid, religieuze argumenten en angst voor gevangenschap of straf. Aan de andere kant stierven hun vrouwen en kinderen elke dag en leek onafhankelijkheid onmogelijk.
Kan fouten bevatten.
